user preferences

New Events

Zuidelijk Afrika

no event posted in the last week

Wederzijdse hulp: een anarchistisch concept in werking in Zuid Afrika

[English] [Ελληνικά]

category zuidelijk afrika | miscellaneous | feature author Saturday May 30, 2009 16:25author by Steffi - Zabalaza Anarchist Communist Front Report this post to the editors

Deel I van "Vier instrumenten voor gemeenschap controle"

featured image

Deel I van "Vier instrumenten voor gemeenschap controle"

Wederzijdse hulp is een belangrijk en relevant anarchistisch concept. Het laat zien hoe aspecten van een betere wereld al overal bestaan, waaronder in Zuid Afrika, en hoe we deze wereld kunnen bereiken, waarbij we voortbouwen op bestaande culturele praktijken, en die uitbreiden.

Het Zulu woord masakhane, wat "laten we voor elkaar bouwen" betekent, verwijst naar het gemeenschappelijk bouwen van huizen.
Izandla ziyagezana (Zulu) betekent letterlijk "als men zijn handen wast, wast de ene hand de andere hand", en omgekeerd. Iedere hand helpt de andere hand om schoon te worden. Daarom zouden we als mensen elkaar moeten helpen zoals onze handen elkaar helpen.

In de Xhosa cultuur betekent dibanisani "laten we samenwerken voor een betere toekomst". Het is een algemene term die verwijst naar mensen die samenkomen en elkaar helpen. Bijvoorbeeld inwijdingen vinden elk jaar ergens anders plaats en mensen op een plek bereiden er alles voor voor. Als hutten verbranden helpen mensen elkaar ze weer op te bouwen. Bij begrafenissen of huwelijken helpen mensen elkaar, bijvoorbeeld om schoon te maken en te koken.

[English] [Ελληνικά]


Wederzijdse hulp: een anarchistisch concept in werking in Zuid Afrika

Deel I van "Vier instrumenten voor gemeenschap controle"


Wederzijdse hulp is een belangrijk en relevant anarchistisch concept. Het laat zien hoe aspecten van een betere wereld al overal bestaan, waaronder in Zuid Afrika, en hoe we deze wereld kunnen bereiken, waarbij we voortbouwen op bestaande culturele praktijken, en die uitbreiden.

Kropotkin's onderzoek is nog steeds relevant

De Rus Peter Kropotkin was niet alleen een belangrijke anarchistische militant en denker, maar ook een bekende geograaf en wetenschapper. Zijn beroemdste boek "Wederzijdse Hulp", een concept dat in dit artikel wordt besproken, was een sterke kritiek op het Sociaal Darwinisme [1] en generaliseringen over de menselijke natuur [2]. Vanaf de 19e is er een voortgaand debat geweest over de menselijke natuur, over de vraag of mensen in essentie goed of slecht zijn.

Zogenaamde idealisten hebben gesteld dat mensen eigenlijk goed zijn en dat de beschaving de oorzaak van oorlog is. Aan de andere kant hebben realisten gesteld - en dit is het overheersende idee binnen de politiek in het algemeen (in de hele wereld) - dat mensen in essentie slecht zijn en elkaar altijd zouden vermoorden (de oorlog van allen tegen allen van Hobbes) als er geen staat was om in te grijpen, waarbij de staat ging lijken op een conflict oplossende institutie die noodzakelijk is om vrede tot stand te brengen of te handhaven. De theorie van de ?overleving van de meest bekwame? rechtvaardigde daarom het bestaan van de staat en rampen die dat met zich mee bracht: kolonialisme, imperialisme, kapitalisme, evenals iedere andere vorm van uitbuiting die niet noodzakelijk verbonden is met de staat (maar vaak met religie), waaronder racisme, seksisme [3], heteroseksisme [4] en discriminatie van gehandicapten [5]. Echter, zoals Kropotkin voor het eerst uitgebreid heeft laten zien, en wat nu algemeen wordt geaccepteerd binnen de antropologie [6], is dat er niet zoiets als menselijke natuur is. Mensen zijn noch inherent goed noch slecht, maar beide. De vraag is daarom of ze meer goed dan slecht zijn en hoe om te gaan met conflict, armoede en andere problemen die nu in onze maatschappij ontstaan.

Wat is wederzijdse hulp?

Wederzijdse hulp, het concept dat mensen elkaar helpen, werd voor het eerst grondig bestudeerd door Kropotkin en als een boek met de zelfde titel gepubliceerd in 1902 [7]. Deze studie van wederzijdse hulp, waarvan hij denkt dat het een belangrijke factor in de menselijke evolutie is, was een belangrijke kritiek op het idee van "het overleven van de meest bekwame". In dit boek laat Kropotkin het belang van wederzijdse hulp zien onder verschillende dieren en mensen maatschappijen. Hij laat zien hoe maatschappijen gebaseerd op wederzijdse hulp vreedzamer zijn, een concept dat weer door antropologen wordt gebruikt om de praktijken in vreedzame maatschappijen [8] die overal in de wereld bestaan te beschrijven. De moderne antropologie heeft Kropotkin's theorie dat er geen menselijke natuur is bevestigd. In plaats van partij te kiezen in het grote debat ziet Kropotkin dat er zowel wederzijdse strijd als wederzijdse hulp is onder mensen en dieren, maar dat wederzijdse hulp belangrijker was voor het overleven van de soort. Dit betekent dat hoewel mensen soms met elkaar vechten, ze toch meer samenwerken dan vechten.

Wederzijdse hulp betekent dat mensen elkaar helpen, niet alleen materieel maar ook emotioneel, in plaats van het individualisme of, nog erger, met elkaar te vechten. Het betekent dat ze met elkaar samenwerken, in plaats van concurreren, in veel aspecten van het leven, voor ieders voordeel. Het betekent inzien dat sociale steun voor iedereen beter is en dat we beter overleven als we elkaar helpen, in plaats van te vechten. Het betekent dat je andere mensen ziet als kameraden en vrienden en niet als vijanden. Wederzijdse hulp betekent met elkaar delen zonder de verwachting van gelijke ruil. Verder is wederzijdse hulp een voorbeeld van met elkaar in harmonie leven, in plaats van conflicten te hebben. Algemene voorbeelden van wederzijdse hulp zijn gemeenschappelijk jagen om betere resultaten te bereiken, gemeenschappelijk wonen voor wederzijdse bescherming, elkaar helpen met allerlei soorten werk, elkaar wederzijdse steun geven in moeilijke tijden. Concrete Zuid Afrikaanse voorbeelden zullen hieronder worden besproken.

Wederzijdse hulp houdt niet in dat hulp totaal gelijk moet zijn. Wederzijdse hulp werkt eerder volgens het communistische principe "van ieder naar vermogen, voor ieder naar behoefte". Dit komt van het idee dat we allemaal een zijn, dat de hele mensheid bij elkaar hoort, dat we allemaal zouden moeten werken voor iedereen. Vanwege de praktijk van wederzijdse hulp, schrijft Kropotkin, realiseren mensen zich dat ze van elkaar afhankelijk zijn, dat ieders geluk afhangt van het geluk van allen en het laat zien dat allen gelijk zijn. Zoals men kan zien lijkt dit veel op de betekenis van Ubuntu, een Afrikaans concept dat hieronder wordt besproken. Echter, wederzijdse hulp betekent niet dat hulp in een richting gaat. Dat is liefdadigheid.

"De kerk" en liefdadigheid

Net zoals de staat (zie onder) heeft geprobeerd in te grijpen en wederzijdse hulp te vernietigen heeft de kerk soortgelijke dingen gedaan. In het algemeen vernietigen kerken, moskeeen, synagoges en tempels [9] de zelf-hulp van mensen en vervangen dit door liefdadigheid.

Liefdadigheid is niet wederzijdse hulp. Het is een manier van geven van iemand die bezit aan iemand die niet bezit, waarbij een situatie van afhankelijkheid wordt geschapen. Liefdadigheid maakt mensen niet machtiger, het helpt ze niet opnieuw op hun eigen benen te staan, om zichzelf te helpen. Volgens Kropotkin "draagt liefdadigheid een aard van inspiratie van bovenaf en, in overeenstemming hiermee, brengt het een bepaalde superioriteit van de gever boven de ontvanger met zich mee" (Kropotkin 2006 [1902]: 233). Het bevrijdt de donor van schuldgevoelens als hij/zij geld kan geven aan een organisatie die dan, bijvoorbeeld, voedsel of kleding aan behoeftige mensen geeft. Zoals het gezegde gaat geven filantropische mensen in het openbaar een deel terug van wet ze in de privé sfeer stelen. Natuurlijk, in tijden van enorme crisis zoals een hongersnood, als er niet genoeg voedsel is en mensen van de honger sterven, moet voedsel worden gegeven aan degenen die uitgeput zijn. Echter, in het algemeen schept het geven van voedsel afhankelijkheid en vernietigt het de lokale economie door gratis buitenlands voedsel te importeren. Het vernietigt de onafhankelijkheid en zelf-hulp van mensen.

Liefdadigheid, die niet alleen van kerken maar ook van NGOs komt, is daarom contraproductief voor de ontwikkeling van een betere wereld waarin iedereen gelijk en vrij is.

Wederzijdse hulp bij dieren en mensen in het algemeen

Kropotkin besteedt in zijn boek veel aandacht aan het beschrijven van wederzijdse hulp bij insecten en andere dieren. Dit is niet van onmiddellijk belang voor dit artikel noch voor de Zuid Afrikaanse maatschappij, maar het hangt samen met de menselijke maatschappij in het algemeen. Het beschrijven van wederzijdse hulp bij dieren ondersteunt zijn argument, dat gebaseerd is op feiten van de evolutie, tenslotte zijn mensen afstammelingen van bepaalde dierlijke soorten. Het laat zien dat wederzijdse hulp een natuurlijk instinct onder mensen is geweest, zelfs voordat er mensen waren.

Kropotkin geeft mooie voorbeelden van wederzijdse hulp bij dieren en dat wederzijdse hulp in het overgrote deel van het dierenrijk de regel is - en niet wat we gebruikelijk horen, het overleven van de meest bekwame. Zoals hij schrijft: "De mieren en termieten hebben de oorlog van Hobbes afgewezen en zijn daardoor beter af" (Kropotkin 2006 [1902]: 11).

Zoals we in de natuur kunnen zien leven veel soorten dieren in kuddes. Kropotkin laat zien hoe dieren niet alleen samenwerken met leden van hun eigen soort, maar ook met andere soorten, voor wederzijdse bescherming (b.v. zebra's en giraffes). Hij ontkent niet dat dieren elkaar doden omdat ze moeten eten of omdat ze moeten concurreren over mogelijke partners. Echter, hij maakt duidelijk dat wat ons wordt verteld (doden of gedood worden) niet het volledige verhaal is. Dieren doden elkaar niet alleen en degenen die het meeste doden zijn niet altijd de meest bekwame dieren. Hij laat zien dat de meeste dieren slechts kunnen overleven omdat ze samenwerken en op elkaar letten.

Kropotkin laat zien dat wederzijdse hulp een algemene regel onder dieren is en brengt dit in verband met mensen. Hij schrijft dat mensen geen uitzondering op deze regel van de natuur zijn, in het bijzonder omdat ze gedurende de langste tijd van hun bestaan weinig mogelijkheden hadden om zich te verdedigen (voor ze wapens uitvonden). Daarom hebben mensen altijd in maatschappijen gewoond om elkaar te beschermen en te helpen. Zoals Kropotkin schrijft: "Onbeperkt individualisme is een moderne uitvinding" (Kropotkin 2006 [1902]: 71).

Kropotkin laat zien hoe wederzijdse hulp altijd onder mensen heeft bestaan, van jagen en verzamelen maatschappijen, tot landbouw maatschappijen, tot middeleeuwse maatschappijen in Europa tot aan moderne tijden. Hij laat zien hoe wederzijdse hulp voor armen en arbeidersklasse mensen een middel was om zich te beschermen tegen slavendrijvers, bazen, autoritaire chefs, koningen of andere politici die niet alleen oorlog tegen andere groepen mensen leidden, maar ook tegen hun eigen mensen. Ze buiten hen uit en straften hen voor het niet betalen van belastingen of niet in het leger gaan. Kropotkin maakt duidelijk dat slechts een minderheid van mensen graag oorlog voert, de meeste mensen willen gewoon vreedzaam leven met hun familie, vrienden en buren. Zoals hij schrijft: "In geen enkele periode van het leven van de mens waren oorlogen de normale bestaanssituatie. Terwijl krijgers elkaar uitroeiden, en de priesters hun bloedbaden vierden, gingen de massa's verder met het leven van hun dagelijkse leven, ze deden hun dagelijkse arbeid" (Kropotkin 2006 [1902]: 94).

Verder toont Kropotkin aan hoe de staat heeft geprobeerd praktijken van wederzijdse hulp te vernietigen, bijvoorbeeld door te proberen zelf-hulp onder arme mensen te vernietigen en daarvoor in de plaats een staatsbureaucratie te plaatsen. In plaats van arme mensen met rust te laten zodat ze door konden gaan met het verbouwen van hun eigen voedsel, legden ze belastingen op, zodat arme mensen extra werk moesten zoeken om ze te betalen.

Maar niet alleen de politici vertellen ons dat we oorlog moeten voeren om ons te beschermen tegen "slechte" mensen en dat we staten moeten hebben om ons te beschermen tegen onze eigen slechte menselijke aard: ook historici hebben de neiging gehad "het deel van het menselijk leven dat wordt besteed aan vormen van strijd te overdrijven, en diens vreedzame stemmingen te onderschatten. (...) maar ze besteedden helemaal geen aandacht aan het leven van de massa's, hoewel de massa's voornamelijk vreedzaam leefden, terwijl de weinigen vaak vochten" (Kropotkin 2006 [1902]: 96). Dit betekent dat ons constant wordt verteld dat mensen oorlogszuchtige wezens zijn en elkaar willen vermoorden. Echter, de werkelijkheid toont het tegenovergestelde, en Kropotkin was een van de eersten die daar op wezen. De meeste mensen geven er de voorkeur aan vreedzaam te leven. Kropotkin schrijft: "In werkelijkheid is de mens verre van het oorlogszuchtige wezen dat hij wordt verondersteld te zijn" (Kropotkin 2006 [1902]: 113). Wederzijdse hulp is een teken van hoeveel van ons leven volgens vreedzame regels gaat en hoe we er de voorkeur aan geven elkaar te helpen in plaats van met elkaar te vechten.

Verder zouden arme mensen en arbeidersklasse mensen niet zonder wederzijdse hulp kunnen overleven. Het kapitalistische systeem maakt het zelfs voor arbeiders bijna onmogelijk om op eigen houtje te overleven. Dit is waarom wederzijdse hulp in een kapitalistische maatschappij nog steeds bestaat en dit is ook waarom het sterker wordt en sterker moet worden als we een betere wereld willen opbouwen.

Hoewel de staat en andere instituties (zoals verschillende kerken) hebben geprobeerd wederzijdse hulp te vernietigen, bestaat het nu nog steeds, zelfs na meer dan 100 jaar kapitalisme, wat het individualisme schiep en "het overleven van de meest bekwame" nieuwe betekenis gaf. Inderdaad, binnen het kapitalisme lijkt het vaak alsof je moet uitbuiten en egoistisch moet zijn om te overleven. Maar, zoals Kropotkin schrijft: "De neiging tot wederzijdse hulp in de mens heeft zo'n nabije oorsprong, en is zo diep verweven met alle evolutie van het menselijke ras in het verleden, dat het door de mensheid tot de huidige tijd in stand is gehouden, ondanks alle wisselvalligheden van de geschiedenis. Het werd vooral ontwikkeld tijdens periodes van vrede en voorspoed" (Kropotkin 2006 [1902]: 184).

Wederzijdse hulp in Zuid Afrika

Wederzijdse hulp is iets dat iedereen die opgroeit in een gezin of een hechte gemeenschap kent. Gezinsleden helpen elkaar gewoonlijk zonder gelijke ruil. In kleine platteland gemeenschappen wereldwijd is dit nog steeds de gewone praktijk, niet alleen onder gezinsleden, maar ook onder buren. In veel delen van de wereld, en in het bijzonder in Zuid Afrika, kunnen we wederzijdse hulp op een nog veel grotere, culturele schaal zien. Er zijn zelfs specifieke termen voor wederzijdse hulp en het wordt nog steeds vaak in praktijk gebracht, met nieuwe vormen die worden ontwikkeld vanwege moeilijke omstandigheden.

Kropotkin schreef ook over wederzijdse hulp onder de Bushmen [10] in de Kalahari, waarover hij met bewondering sprak. Volgens hem leefden ze onder "primitief [11] communisme" (dat wil zeggen communisme in een niet-industriele maatschappij). Net als veel andere groepen in Afrika (en overal in de wereld), brachten de Bushmen wederzijdse hulp niet alleen in praktijk en deelden ze alles met iedereen - zelfs mensen die niet tot hun groep behoorden - maar hadden ze ook geen opperhoofden en kunnen ze daarom worden beschouwd als "primitieve anarchisten" [13]. Ze wantrouwden opperhoofden die probeerden een groter stuk van de taart te krijgen, waardoor ze dreigden de principes van gelijkheid te vernietigen. Kropotkin schreef over de Bushmen dat ?ze gemeenschappelijk pleegden te jagen, en de opbrengst zonder ruzie te maken verdeelden; dat ze hun gewonden nooit verlieten, en sterke affectie toonden tegenover hun kameraden? (Kropotkin 2006 [1902]: 72). En: "Als iets wordt gegeven aan een Hottentot verdeelt hij het meteen onder alle aanwezigen [...]. Hij kan niet alleen eten en, hoe hongerig ook, hij roept degenen die langs komen op zijn voedsel te delen" (Kropotkin 2006 [1902]: 73).

Echter, wederzijdse hulp heeft niet alleen bestaan onder de Bushmen in Zuid Afrika en het is niet iets dat alleen in het verleden werd toegepast. Er zijn veel voorbeelden van wederzijdse hulp in Zuid Afrika, die onder verschillende termen bekend staan, maar ze zijn allemaal gelijksoortig. Verder kunnen we wederzijdse hulp zien onder alle etnische groepen in Zuid Afrika.

In Zuid Afrika is wederzijdse hulp vaak gebaseerd op het idee van Ubuntu wat, hoewel het een Zulu woord is, gewoonlijk ook wordt gebruikt door andere groepen in heel Zuid Afrika. Het wordt vaak verbonden met de kerk. Terwijl bepaalde aspecten van Ubuntu lijken op wederzijdse hulp, zijn er veel aspecten aan die er toe leiden dat mensen hun armoede accepteren en daarom de vooruitgang van de menselijke situatie tegenwerken. Het is daarom veel interessanter om te praten over werkelijke wederzijdse hulp praktijken die niet verbonden zijn met een religie.

In het algemeen is het op het platteland in Afrika heel gebruikelijk om elkaar in de velden te helpen. De meeste tijd worden velden gemeenschappelijk bewerkt en de persoon wiens velden op die dag worden bewerkt levert eten en drinken aan iedereen die helpt. Velden worden in rotatie bewerkt en dus zullen ieders velden worden bewerkt en zal iedereen voedsel hebben tijdens het ploegen en oogsten seizoen. De zelfde gemeenschappelijke inspanning kan in heel Zuid Afrika worden gezien als het gaat om elkaar te helpen bij het bouwen van huizen.

Bovenop culturele praktijken ontstaan in heel Zuid Afrika nieuwe voorbeelden van wederzijdse hulp als mensen (vooral vrouwen) samenkomen om sociale genootschappen te vormen, zoals begrafenis - of huwelijk genootschappen, waarin ze elkaar helpen geld te sparen voor een huwelijk en elkaar helpen in het geval van een sterfgeval in de familie. Zulke genootschappen geven ook emotionele steun aan familieleden van de gestorven persoon. Deze recente creaties hebben voornamelijk te maken met de gevolgen van armoede.

Een ander nieuw voorbeeld zijn "stokvels" waarin mensen elkaar helpen bij het sparen van geld dat aan het einde van een overeengekomen tijdsperiode kan worden besteed aan noodzakelijke huishoudelijke producten (zoals koelkasten).

Creches in arme gebieden in Zuid Afrika waarin een anders werkloze vrouw zorgt voor de kinderen van werkende vrouwen zijn heel gebruikelijk en degene die zorgt krijgt in ruil hiervoor voedsel.

Wederzijdse hulp op basis van cultuur

Een goed voorbeeld van hoe alleen opperhoofden of een minderheid van de mensen oorlog wilde voeren en de meerderheid van een bepaalde bevolking vreedzaam wilde leven zijn de Zulus, waarvan wordt gezegd dat ze heel gewelddadig zijn. Maar wederzijdse hulp is onder Zulus net zo gebruikelijk, als het niet meer gebruikelijk is, als in andere etnische groepen in Zuid Afrika. Terwijl sommige Zulu opperhoofden duidelijk gewelddadig waren (zoals alle opperhoofden, want macht corrumpeert), leefden de massa?s vreedzaam en steunden ze elkaar altijd. Tot de huidige tijd zijn er veel voorbeelden van wederzijdse hulp op basis van cultuur onder de Zulu.

In het algemeen is de Zulu maatschappij gebouwd rond het gezegde "umuntu ngumuntu ngabantu", wat in het Nederlands kan worden vertaald als "een persoon is een persoon door andere mensen", wat betekent dat men de gemeenschap nodig heeft om individueel verder te komen.

Wederzijdse hulp is in Zulu bekend in verschillende termen. Een van deze termen is ilima, wat verwijst naar het gemeenschappelijk bewerken van de velden tijdens het ploeg seizoen, en iedereen die helpt zal voedsel en traditioneel bier krijgen. De volgende week zullen de velden van iemand anders worden geploegd. Het Zulu woord voor een begrafenis genootschap is masingcwabane en het betekent letterlijk "laten we elkaar begraven". Mensen in een gemeenschap dragen iedere maand een bepaald bedrag bij. Dit geld wordt gebruikt als iemand anders die bijdroeg sterft. Een vast bedrag wordt opgenomen van de bankrekening en gegeven aan de familie van degene die is gestorven. Het dekt begrafenis kosten, het kopen van een kist, het huren van een tent en stoelen enz.

Het Zulu woord masakhane, wat "laten we voor elkaar bouwen" betekent, verwijst naar het gemeenschappelijk bouwen van huizen.

Izandla ziyagezana (Zulu) betekent letterlijk "als men zijn handen wast, wast de ene hand de andere hand", en omgekeerd. Iedere hand helpt de andere hand om schoon te worden. Daarom zouden we als mensen elkaar moeten helpen zoals onze handen elkaar helpen.

In de Sotho en Tswana cultuur is wederzijdse hulp bekend als letsema. Letsema is het samenkomen van mensen met een gemeenschappelijk doel, en resulteert verder in de voordelen voor allen die deel uitmaken van een letsema. Het verwijst naar coöperatief dorpswerk aan gemeenschappelijke projecten, bijvoorbeeld het aanleggen van infrastructuur.

Een ander communistisch aspect in Sotho en ook de Pondo cultuur is het gemeenschappelijk opvoeden van kinderen, wat betekent dat iedereen voor alle kinderen zorgt, ze worden gezien als kinderen van de hele gemeenschap. In andere woorden, iedereen helpt ieders kinderen op te voeden.

In de Pedi cultuur verwijst kobufedi naar het gemeenschappelijk bewerken van elkaars velden. Iedereen helpt bij het planten van groenten en het zorgen voor de groenten en het vee, omdat het het doel van de hele gemeenschap dient.

In de Xhosa cultuur betekent dibanisani "laten we samenwerken voor een betere toekomst". Het is een algemene term die verwijst naar mensen die samenkomen en elkaar helpen. Bijvoorbeeld inwijdingen vinden elk jaar ergens anders plaats en mensen op een plek bereiden er alles voor voor. Als hutten verbranden helpen mensen elkaar ze weer op te bouwen. Bij begrafenissen of huwelijken helpen mensen elkaar, bijvoorbeeld om schoon te maken en te koken.

In de Venda cultuur staat wederzijdse hulp bekend als uthusana, wat "elkaar helpen" betekent.

In Swaziland is lilima de Swati term voor wederzijdse hulp. Het verwijst naar buren die buren helpen.

Er zijn veel meer voorbeelden in heel Zuid Afrika die niet kunnen worden opgenomen in dit artikel, toch zijn ze allemaal heel gelijksoortig en heel levend, tonen ze aan dat ondanks het hoge niveau van misdaad (wat te maken heeft met de immense ongelijkheid in Zuid Afrika) en ook a-sociale misdaad, er al een heel potentieel is waarop we kunnen bouwen om een betere wereld te scheppen.

Relevantie voor onze maatschappij nu

Veel van de praktijken van wederzijdse hulp zijn vergeten, grotendeels omdat het is vernietigd door de staat. De staat wil niet dat mensen onafhankelijk zijn, hun eigen voedsel verbouwen en autonoom zijn van de staat, maar het wil mensen controleren. Mensen vergeten zelfs hoe ze hun eigen voedsel moeten verbouwen. Ze worden arbeiders als ze geluk hebben, of werkloze arbeiders wiens enige kans om te overleven bedelen of misdaad plegen is. Het stadsleven vernietigt vaak niet alleen de culturen van mensen, het vernietigt ook onze maatschappij door individualisme te scheppen en mensen wederzijdse hulp te laten vergeten. Kropotkin toonde dit aan toen hij schreef dat terwijl "het onder de Hottentots schandalig zou zijn om te eten zonder drie keer luid te roepen of er iemand is om het voedsel mee te delen. Alles dat een respectabele burger nu moet doen is belasting betalen en de uitgeputte mensen te laten uitputten" (Kropotkin 2006 [1902]: 188). In tijden van crisis is dit fataal.

In veel townships zien we enkele mensen gemeenschappelijke groente tuinen bewerken en andere dingen delen. De boven vermelde voorbeelden zijn een teken dat wederzijdse hulp leeft en groeit, omdat mensen beginnen zich te realiseren dat de oplossing voor veel van onze problemen is om samen te werken om elkaar te helpen. Kropotkin heeft duidelijk gemaakt hoe we in de maatschappij van nu en in het bijzonder in de steden kunnen leren van eeuwenoude praktijken en van wat nog bestaat op delen van het platteland in de wereld. Wederzijdse hulp is een manier om wat van onze onafhankelijkheid terug te nemen van de staat of liefdadigheid organisaties. Het is een aspect waarop we een betere wereld moeten opbouwen en waarop een betere wereld gebaseerd moeten zijn.


Steffi

Noten:

1. Darwinisme (evolutietheorie) toegepast op mensen, de theorie van "het overleven van de bekwaamste".
2. Als ik het heb over de menselijke natuur verwijs ik naar het debat of mensen in essentie goed of slecht zijn.
3. Discriminatie van vrouwen.
4. Discriminatie van homoseksuelen.
5. Discriminatie van gehandicapte mensen.
6. De studie van sociale en culturele aspecten van de mensheid.
7. Peter Kropotkin (2006 [1902]) Mutual Aid. A Factor of Evolution. Mineola, New York: Dover.
8. Maatschappijen die geen vorm van conflict kennen, b.v. de Bushmen in de Kalahari.
9. Niet beperkt tot een bepaalde religie, aangezien velen liefdadigheid in praktijk brengen.
10. Die hij ook "Hottentot" noemde, een gebruikelijke term in de tijd dat hij leefde, maar nu beschouwd als ongeschikt.
11. De term primitief werd door Kropotkin niet als een vernederende term gebruikt.
12. Ik schrijf in het verleden, omdat een groot deel van de Bushmen cultuur is vernietigd door kolonialisme en kapitalisme.
13. Anarchistische maatschappijen zijn door verschillende schrijvers behandeld, zie o.a. Barclay, Harold (1996): People Without Government. An Anthropology of Anarchy. London: Kahn & Averill.


Anarchistisch blad Zabalaza #10

[Vertaling door a-infos-nl]

Related Link: http://www.zabalaza.net
This page can be viewed in
English Italiano Deutsch
George Floyd: one death too many in the “land of the free”
© 2005-2020 Anarkismo.net. Unless otherwise stated by the author, all content is free for non-commercial reuse, reprint, and rebroadcast, on the net and elsewhere. Opinions are those of the contributors and are not necessarily endorsed by Anarkismo.net. [ Disclaimer | Privacy ]